Lijst per gewas

De beschrijvende en aanbevelende rassenlijst geeft een overzicht van de landbouwkundige waardering van alle rassen van de voedergewassen en groenbedekkers op de Belgische nationale rassenlijst. De rasvergelijkingen zijn gebaseerd op objectieve proefveldgegevens uit de periode 1985 tot op heden. Met deze objectieve gegevens kunnen landbouwers een beter geïnformeerde rassenkeuze maken.

een close up beeld van gras

Grassen worden dikwijls in mengsels uitgezaaid. Het is daarom belangrijk om inzicht te krijgen in de eigenschappen van verschillende grassoorten en -rassen.

jonge kuilmais in de rij op een proefveld

Maïs is een productief en energierijk gewas dat goed bewaart in een kuil. De rassen zijn sterk geëvolueerd sinds de introductie van de teelt in de jaren 1970.

rijpe maïskorrels worden van het veld in een grote laadbak gestort

De evolutie van de maïsrassen gaat snel. Nieuwe rassen combineren vaak een hoge korrelopbrengst met een laag vochtgehalte in de korrels. Dat wil zeggen dat ze vroeger afrijpen.

een hoopje voederbieten

Voederbieten hebben een hoge productiecapaciteit en zijn een smakelijk ruwvoeder van hoge kwaliteit. Bovendien zijn voederbieten voor veebedrijven een interessante derde teelt.

een veld vol witte klaver

De belangstelling voor witte en rode klaver neemt toe. Ook voor deze vlinderbloemigen worden de voornaamste raseigenschappen in de rassenlijst weergegeven.

bladkool

Kruisbloemige groenvoeders (stoppelknollen, bladkool en mergkool) vormen een waardevol alternatief in de ruwvoederproductie vooral in jaren met abnormale weersomstandigheden.

Gele mosterd

Een groenbedekker heeft een gunstige invloed op de structuur van de bodem. Op de Belgische Rassenlijst staan rassen bladrammenas, gele mosterd, wikken, Facelia, raaigrassen en rogge.

veld cichorei

De wortel van industriële cichorei is rijk aan koolhydraten. Deze koolhydraten komen voor als inulinepolymeer. Lange inulineketens zijn gewenst door de verwerkende industrie.